16  olifant  52

Stokstraat 57

 

 


Deze olifant uit 1652 draagt een soort toren of pagode op zijn rug, wat er op duidt dat het hier om een tamme olifant gaat.
Dit dier werd voornamelijk door de koekbakkers gevoerd, omdat het gezien werd als de vertegenwoordiger van de Oosterse landen, waar de specerijen vandaan kwamen die verwerkt werden in de zgn. peperkoeken.
 

 





 

 


Tentijde van het ontstaan woonde er in ieder geval geen koekbakker. Het pand was namelijk in 1638 in het bezit van de magistraat Hendrick van Buel, die het verhuurde aan de wijnhandelaar Jacob Massing. In 1656 werd in dit pand een overeenkomst getekend tussen Massing en de gentillehomme (meesterglasblazer) Christophe delle Peche en twee beleggers om in Smeermaas een “Glaserije” te stichten. Het startkapitaal van de vier vennoten werd in een koffer in de “Oliphant” bewaard.